| keek ik uit het raam van mijn kantoortje, naar het platje achter waaraan allerlei onduidelijke appartementen zitten, staan daar ineens allemaal mensen. een politieagent, wat onduidelijke shabby types met gsm-e-tjes, een man in pak met laptop-tas, een man in lacoste-polo, een soort stadwacht met kort haar bovenop en staart achterop, en een man met een gereedschapskist. de man met gereedschapskist was bezig met het slot van één van de appartementen. daar deed hij nogal lang over. ik was er ondertussen voor gaan zitten. languit. reality tv. en maar speculeren. een moderne dreverhaven (de man in lacoste-polo) die iemand gaat uitzetten - politie mee, advocaat (de man in pak) en een paar verhuizers (de mannetjes met gsm). of: melding van ondraaglijke stank, niet van de fastfood tent rechtsonder, maar van iets anders, iets ondenkbaars... ondertussen werd het hier, in mijn kamertje, steeds drukker. ramptoerisme. uiteindelijk ging de deur open. er werd even geroken, geknikt ('het kan') en daar gingen ze. nu zie ik soms iemand naar buiten komen en weer naar binnen gaan. verder niks. een beetje een anti-climax, eigenlijk. beetje saai ook. misschien omdat er geen regisseur aanwezig is die de langdradige stukken eruit knipt.
|
|