| Niet ophalen die man , ik heb het bijge(s)lijmd.
Hij zit in de Bibliotheek van wijlen GrootPapa en componeert een cantate of iets wat daar op lijkt, die wil hij uitvoeren op de Paasdagen de Travak-ploeg maakt een overkoepeling over het terras, voor als het regent, Lola hangt bevallig over de vleugel , lonkt naar hem , geen gezicht, schaamteloos, ik laat ze maar.
|
|